Gedragscode Reddingsbrigade Tiel

Gedragscode Reddingsbrigade Rivierenland Tiel

De sportbonden in Nederland nemen seksuele intimidatie serieus. Die regels zijn door alle landelijke
sportbonden onderschreven. De regels zijn gemaakt om de risico’s op ongewenst gedrag in de relatie
pupil en trainer te verkleinen en ze fungeren als toetssteen voor het gedrag van begeleiders en
sporters in concrete situaties.

Wij willen onze ogen niet sluiten voor het feit dat seksueel misbruik overal voorkomt waar mensen
samenkomen. Ondanks preventieve maatregelen kan het ook binnen onze vereniging plaatsvinden.
Daarom hebben wij Rachel Gennissen als vertrouwenscontactpersoon aangesteld waarbij
(vermoedens van) misbruik moeten worden gemeld. Zij is bereikbaar op mailadres:
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Veel grenzen in het contact tussen begeleiders en pupillen binnen de vereniging zijn niet eenduidig.
Het ene kind wil even op schoot zitten als het troost zoekt, het andere kind heeft behoefte aan een aai
over de bol en weer een ander kind vindt het niet prettig om aangeraakt te worden.

Hierover kunnen nooit exacte grenzen worden afgesproken die voor alle kinderen en in alle situaties
gelden. Dat is maar goed ook, want voor veel kinderen zijn betrokkenheid en lichamelijk contact
voorwaarden om te groeien. Maar er is wel een duidelijke grens en dat is dat seksuele handelingen en
contacten tussen (jong) volwassen begeleiders en kinderen die bij ons komen sporten, absoluut
ontoelaatbaar zijn!

Daarom hebben wij voor mensen die binnen onze vereniging met kinderen of jongeren werken een
gedragscode opgesteld, welke worden onderschreven door alle landelijke sportorganisaties die zijn
aangesloten bij NOC*NSF en zo ook onze vereniging. Hierin staat wat begeleiders moeten doen om te
zorgen voor een veilige sfeer om (seksueel) misbruik te voorkomen.

Wij vragen iedereen die bij ons vrijwilligerswerk doet en hierbij in contact komt met kinderen
en jongeren (als trainer, aspirant trainer, vrijwilliger of als bestuurslid) onderstaande
gedragscode goed door te lezen, te kennen en niet tegen deze code te zullen handelen.

1. De begeleider moet zorgen voor een omgeving en een sfeer waarbinnen de sporter zich veilig
voelt.

2. De begeleider onthoudt zich er van de sporter te bejegenen op een wijze die de sporter in zijn
waardigheid aantast, en verder in het privéleven van de sporter door te dringen dan nodig is
voor het gezamenlijk gestelde doel.

3. De begeleider onthoudt zich van elke vorm van (machts)misbruik of seksuele intimidatie
tegenover de sporter.

4. Seksuele handelingen en seksuele relaties tussen de begeleider en de jeugdige sporter tot
zestien jaar zijn onder geen beding geoorloofd en worden beschouwd als seksueel misbruik.

5. De begeleider mag de sporter niet op een zodanige wijze aanraken dat de sporter en/of de
begeleider deze aanraking naar redelijke verwachting als seksueel of erotisch van aard zal
ervaren, Zoals doorgaans het geval zal zijn bij het doelbewust (doen) aanraken van
geslachtsdelen, billen en borsten.

6. De begeleider onthoudt zich van seksueel getinte verbale intimiteiten.

7. De begeleider zal tijdens training(stages), wedstrijden en reizen gereserveerd en met respect
omgaan met de sporter en met de ruimte waarin de sporter zich bevindt, zoals de kleedkamer
of de hotelkamer.
De begeleider heeft de plicht de sporter te beschermen tegen schade en (machts)misbruik als gevolg
van seksuele intimidatie of ander aanstootgevend gedrag. Daar waar bekend of geregeld is wie de
belangen van de (jeugdige) sporter behartigt, is de begeleider verplicht met deze personen of
instanties samen te werken, opdat zij hun werk goed kunnen uitoefenen.

8. De begeleider zal de sporter geen (im)materiele vergoedingen geven met de kennelijke
bedoeling tegenprestaties te vragen. Ook de begeleider aanvaardt geen financiële beloning of
geschenken van de sporter die in onevenredige verhouding tot de gebruikelijke dan wel
afgesproken honorering staan.

9. De begeleider zal er actief op toezien dat deze regels worden nageleefd door iedereen die bij
de sporter is betrokken. Indien hij/zij gedrag signaleert dat niet in overeenstemming is met
deze regels zal hij de betreffende persoon daarop aanspreken.

10. In die gevallen waarin de gedragsregels niet (direct) voorzien, ligt het binnen de
verantwoordelijkheid van de begeleider in de geest hiervan te handelen.
Versie 01-03-2019